Geen afbeelding beschikbaar

onbekend

Maria met kind op maansikkel

-

Maria Lactans
Utrecht, eerste kwart 16e eeuw
ABM bh444

Teder geeft Maria haar kindje de borst (Latijn Lactans = melk voedend). Centraal in dit tafereeltje staan haar moederschap en de liefde voor haar kind. Dit soort beeldjes wordt in de middeleeuwen veel gebruikt bij priv├ędevotie. Maria is tot op de dag van vandaag ongekend populair. Dat ze haar zoon heeft moeten begraven, maakt haar menselijk. Ook als moeder is Maria toegankelijker dan Jezus of God. Bovendien is zij nauw verwant aan de heidense moedergodinnen Isis, Astara en Hera.

Objectspecificatie

Objectnaam
beeld
Materiaal
eikenhout, verf, goud
Afmetingen
Huidige locatie
Niet in het museum te zien
Verwervingsmethode
schenking
Verwervingsdatum
1911
Verwervingsbron
Objectnummer
ABM bh444

Objectbeschrijving

Maria is staande voorgesteld op de maansikkel, rustend op haar rechterbeen. Op haar rechterarm draagt zij het naakte Christuskind, dat zich buigt naar de door Maria ontblote linkerborst.

Maria draagt een kroon op het lange golvende haar. Zij is gekleed in een wijde mantel die zij onder haar linkerarm heeft opgenomen. Ze draagt een lang onderkleed, dat nauw aansluit aan de hals en in het midden aan de voorkant opent in een split.

Polychromie:
De polychromie is wel oud, maar waarschijnlijk niet oorspronkelijk. Op enkele plaatsen lijkt een tweede gronderingslaag te zien, met resten van vergulding. Tevens resten van een grijze overschildering. De huidig zichtbare vergulding is aangebracht op een rode bolus. Incarnaat lichtroze; ogen zwart gedetailleerd; monden rood. De kroon, het haar en het hemd zijn verguld. De mantel is verguld, met ponspatronen langs de zomen. Binnenzijde mantel blauw op zwarte grond, waaronder resten rode bolus. Twee omgeslagen randjes van de mantel zijn rood, waarop donkerrood. De maan toont rode bolus, met mogelijk sporen van verzilvering.

Techniek:
Aan de achterzijde vlak. De achterzijde van het haar is aangeduid met zigzaggroefjes. Het werkblok heeft staande jaarringen. De kern is niet te bepalen.
Werkbanksporen: In de bovenzijde van Maria's hoofd een klein gaatje en enkele deukjes. In de onderzijde van het stuk een groot, diep gat van ca. 1,2 cm doorsn. en minimaal 4,5 cm diep.

Staat:
Afgebroken: de punt van de linkerschoen; meerdere delen van de kroon.
Aan de achterzijde minstens tien spijkergaten, deels uitgebroken.
De polychromie is zwaar gesleten en beschadigd.

Aanvullende informatie

Inv. Rientjes: 1ste kw. 16de eeuw;later, Sticht/Holland, begin 16de eeuw.

Utrecht 1962 (Bouvy): Noord-Nederland, ca. 1520. Deels met oude polychromie. Beschreven als met rood gewaad en blauwe mantel.
Oldenzaal 1967: id.
Breitbarth-van der Stok 1985: Id. Niet noodzakelijkerwijs uit de St.-Plechelmuskerk. Nog steeds met rood kleed en blauwe mantel beschreven.

Gerestaureerd door Clavaux te Den Haag, 27 maart 1957; schilfers vastgezet.
Tevens door Mares te Maastricht van 19 april 1972 tot 1974. Deze verwijderde de jongere verflagen, waardoor oude vergulding tevoorschijn kwam. Zie Jaarverslag ABM 1973.

Inv.vel: Het stuk werd in augustus 1947 uit het museum ontvreemd en de volgende dag door de tuinman aangetroffen in de tuin, onder een boom.

Eigendomsgeschiedenis

Inv. Rientjes: Het beeld is een geschenk van pastoor Mol te Vreeswijk, 1911. Het is afkomstig uit Oldenzaal. Lijst van aanwinsten (...) sedert 1910: afkomstig van Alstede-Oldenzaal, door tussenkomst van pastoor Mol te Vreeswijk.

Literatuurverwijzingen

  • 2006, Bijbelse vrouwen in de kunst, Botke, K.D., afb. 66
  • 2004, Hout- en steensculptuur van Museum Catharijneconvent, ca. 1200-1600, Vlierden, M. van, p. 39, kleurafb., 191, 234
  • 1986, Plechelmusbasiliek te Oldenzaal, Breitbarth-van der Stok, M.H., p. 68, afb.
  • 1967, Oude kerkelijke kunst uit Twente : catalogus van de expositie, cat. nr. 10
  • 1962, Beeldhouwkunst : Aartsbisschoppelijk Museum Utrecht, Bouvy, D.P.R.A., cat. nr. 155
  • Jaarverslag Aartsbisschoppelijk Museum Utrecht, 1973, p. 7